DE JAREN 1939 - 1947, HET ALLEREERSTE BEGIN
auteur: Rob Verbeek
1939, Scheveningen

Let's play roller hockey !
In het jaar 1939, dus vlak voor
de 2e wereldoorlog, wordt het spel rolhockey in Scheveningen (Den Haag)
gespeeld. Deze sporters zijn op de boulevard actief met op de achtergrond de
eerste (houten) Pier van Scheveningen.
1945, de wederopbouw
Nederland was na de
oorlog totaal ontwricht. Van de vooroorlogse economie was niets meer over. Er
viel voor de komende jaren dus totaal geen luxe te verwachten. Alleen met veel
geduld en hard werken kon de relatieve vooroorlogse welvaart weer worden
opgebouwd.
In Haarlem (Swanenburg) leefde het gezin van ondernemer Willem Ooms. Dagelijks
druk doende met het exploiteren van een koffiehuis-restaurant. Naast de zaak
stimuleerde hij zijn zonen Tom en Henk om te sporten. En dat deden ze heel
bekwaam. De beide zonen hadden veel talent voor de tak van sport wielrennen en
trokken vanuit Haarlem het hele land door om deel te nemen aan
wielerwedstrijden. Zoon Henk werd zelfs kampioen van Nederland en geselecteerd
voor de Olympisch wielerploeg en nam deel aan de 6e Olympische Spelen te Berlijn
(1936).

1936, Berlijn, Olympisch
stadion met de olympische vlam
1946, van Haarlem naar
Brussel en Den Haag
Vele wielerwedstrijden werden in het fietsgekke België georganiseerd en om de
reisafstand vanaf Haarlem te verkorten verhuisden alleen vader Willem met zijn
zonen Henk en Tom naar Brussel om zodoende dicht bij de wielerevenementen te
wonen. Tijdens de vele sportieve reizen zag vader Willem en zijn zonen in België
rolschaatsbanen alwaar vele zuiderburen al zwierend over de baan gingen.
In de fase dat de wielercarrières werden afgebouwd werd het gezin Ooms in
Haarlem weer herenigd. Maar van stilzitten had dit gezin nog nooit gehoord. Want
die rolschaatsbanen in België bleef toch wel in die ondernemende hoofden van de
familie rondzingen. Tom Ooms (geboortejaar 1921) had in Brussel een baan gezien
waarvan hij onder de indruk was geraakt. Hij nam z’n vader en broer mee naar
Brussel en probeerde hun ervan te overtuigen om dit ook in Nederland op te
zetten. En hij kreeg ze mee.
Aanvankelijk zou de rolschaatsbaan domicilie kiezen in Amsterdam maar daar kwam
op het laatste nippertje de vergunning niet rond. Er is toen nog even aan
Haarlem gedacht maar het werd uiteindelijk Den Haag. Het horecabedrijf in
Haarlem werd verkocht en het gezin verhuisde naar Den Haag om aan de Savorin
Lohmanlaan tussen Kijkduin en oud Scheveningen een stuk grond van de Gemeente
Den Haag te pachten. De enige toegangsweg naar de locatie was de Sportlaan want
de locatie lag echt aan de rand van de stad.
Het was een tijd van armoede. De oorlog was nog maar nauwelijks geschiedenis, er
was bijna niets te krijgen en niemand had geld.
1947, De start van de
rolschaatshistorie in Nederland
De zandlagen naast de duinen in het zuidelijk Den Haag en aan de Savorin
Lohmanlaan gaf een stevige ondergrond voor een rolschaatsbaan. De zandlagen
gaven ook een goede drainage waardoor het regenwater goed kon worden afgevoerd.
Hierop werd een betonnen vloer van maar liefst 120 bij 40 meter aangebracht en
al vrij snel was deze betonnen vlakte het bezit van vele Hagenaars.
Langs de rolschaatsbaan werd een barak-achtige cafe-restaurant met een ruim
terras gebouwd. Binnen in het gebouw was het gezellig, een ruime bar, een lange
stamtafel, tafeltjes en stoeltjes en in het midden voor de koude maanden een
grote zwarte potkachel. In de toekomst zouden aan deze houten wanden vele
glorieuze foto’s van huldigingen, linten, medailles en foto’s van stralende
schoonheden worden opgehangen. Ook de imposante bekerkast met alle veroveringen
door kunstrijders, kunstrijdsters, hardrijders en rolhockeyers zou in dit gebouw
een plaats krijgen.
Maar de familie Ooms was uit Haarlem naar Den Haag gekomen en alles verkocht dus
moesten zij ook een woning hebben. Achter het cafe-restaurant bouwden de familie
dan ook een klein huisje met 2 kamers voor zich zelf.
Op 14 september lag de baan, de Marathon-rinck, te blinken in de zon, gloednieuw
en toch van oud materiaal. De wereldkampioenen kunstrijden, het Belgische paar
Elvire Collin en Fernand Leemans, met nog enige andere Belgische prominenten
vulden voor een groot gedeelte het openingsprogramma. Er werd ook een
rolhockeywedstrijd (rinckhockey volgens de Belgen) gespeeld tussen twee
Belgische ploegen waardoor Den Haag voor het eerst kennis maakte met de tak van
sport rolhockey. Op 14 september 1947 was dus de legendarische "Marathon-Rinck"
geboren!

1947, Marathon-rinck,
Opening van de nieuwe rolschaatsbaan aan de Savornin Lohmanlaan met een
rolhockey wedstrijd op de rolschaatsbaan van 120 x 40 meter !
Uiteraard stond het publiek geheel
vreemd tegenover wat men zag. Hier werd immers iets nieuws vertoond. Men begon
onmiddellijk vergelijkingen te maken met ijshockey en kunstrijden op het ijs.
1947, De beroemde “Ooms
rolschaats”
Omdat de mensen minder hadden te besteden ging met name Henk Ooms voortvarend
van start met het zelf vervaardigen van rolschaatsen die op de rolschaatsbaan
vanuit een speciale ruimte te huur werden aangeboden. Wellicht dat daarom de
rolschaatsbaan ook zo’n succes werd. Geen geld voor het kopen van rolschaatsen
maar wel een klein bedrag voor het huren voor een middag of avond van
rolschaatsen. De beroemde “Ooms rolschaats” deed zijn intrede. Er waren meerdere
soorten. Met of zonder schoen en de kunstrolschaats en de rolhockeyrolschaats
maar allemaal in eerste instantie met houten wielen ! Later werden de houten
wielen vervangen door nylon. Ook deze wielen werden door Henk Ooms gemaakt want
hij was de expert in het vervaardigen en het herstellen van rolhockeyattributen.
Hier kranten knipsel met de
OOMS rolschaats zonder schoen en met riempjes.
De rolhockeyrolschaatsen bestonden uit twee stalen en verchroomde hoekliggers
als onderstel en het rubber van de stoppers gesneden uit oude tractor- en
vrachtwagenbanden.
Met name de rolhockeyers van het eerste uur hebben dagen/weken lang deze wielen
op een draaibank staan draaien. Want de houten wielen spleten bij enig contact
spontaan in twee stukken.

Ooms
rolhockeyrolschaatsen op 3 december 2007 aangeboden aan de auteur
van deze rubriek door de heer John van de Broek tijdens het 60 jarig
jubileumfeest
van E.H.R.C. Marathon. De rolschaatsen wegen maar liefst 2 kg. per stuk.
Ook vervaardigde Henk Ooms voor de kunstrijders rolschaatsen. Deze werden
lichter gemaakt door het toepassen van het materiaal aluminium als onderstel. Er
waren kunstrijrolschaatsen met neusdop (links) en zonder neusdop (rechts) voor
het figuurrolschaatsen.

Ooms Kunstrolschaatsen
1947, Een memorabel
moment : de oprichting van E.H.R.C. Marathon
Er was behoefte aan organisatie om al die rolschaatsers iets meer aan te bieden
als alleen het vrij rijden op de rolschaatsbaan. Uiteindelijk werd twee maanden
na de opening van de rolschaatsbaan de vereniging E.H.R.C. Marathon op 21
oktober 1947 opgericht. De eer van de allereerste verenigingsvoorzitter ging
naar de heer Hazelaar.
Een aantal ijshockeyers (o.a. Joop Bruin) zocht in de maanden als de
koelmachines van de Haagse Overdekte Kunst IJsbaan (HOKIJ) waren gestopt, een
alternatief. Zij gingen ook kijken op de Marathon-rinck en al snel brachten zij
daar er vele schaatsuren door. Ook zij waren aanwezig bij de opening op 14
september 1947 en zagen net als vele Hagenaars voor het eerst het spel rolhockey
en besloten om een team te formeren. Het allereerste rolhockeyteam van E.H.R.C.
Marathon, de stad Den Haag, nee van heel Nederland ! Met andere historische
woorden : rolhockey start ook in Nederland.
1947, De eerste
rolhockeystick
De eerste rolhockeystick was een catastrofe. Een Haagse timmerman kreeg de
opdracht om 8 rolhockeysticks te maken. Van de Wereldbond Federation
International de Patinage a Roulettes ontving men de officiële regels aangaande
de rolhockeystick. De tekst was uiteraard in het Frans doch de Haagse timmerman
maakte een klein foutje bij de vertaling en zo kreeg de eerste Nederlandse
rolhockey stick een blad met een hoogte waarmee de breedte werd bedoeld en een
breedte waarmee de hoogte werd bedoeld. Pas in 1948 kwam men tot de ontdekking
dat de Nederlandse rolhockeystick niet overeen kwam met de internationale
rolhockeystick.
1947, Het eerste
internationale contact
Het begin om te rolhockeyen was moeilijk. Geen trainers, geen andere clubs waar
tegen gespeeld kon worden. Het werd een kwestie van self-made waarbij vallen en
opstaan aanvankelijk danig in het rij-schema pasten, doch de leden de nodige
hardheid brachten, die het rolhockey nu eenmaal vereist.
Marathon zocht internationaal contact, kreeg dit al spoedig met onze
Zuiderburen, de Belgen, en …… kreeg van deze ervaren spelers gevoelige pakken
slaag. Scores van 20-0 en later 10-0 weerhielden de Haagse sporters niet ervan
om te stoppen. Men hield vol, totdat er dragelijker resultaten uit de bus
kwamen.
Het contact tussen Nederlandse en Belgische verenigingen vanaf 1947 is zeer
groot en senioren team van Marathon behaald uiteindelijk haar eerste overwinning
sinds de oprichting in het jaar 1947 in een officiële wedstrijd tegen Souveraine
(Brussel-Belgie).

1947, Marathon-rinck. De
eerste stadsderby aller tijden !
E.H.R.C. Marathon – R.C. Residentie voor 750 toeschouwers.

1947, Marathon-rinck, het
team van E.H.R.C. Marathon voor aanvang van de wedstrijd.
Na een geruime tijd werd de
zware betonnen vloer vanwege de vele scheuren weer verwijderd. In België wilden
de kunstrijders graag een gladde oppervlakte en de rolhockeyers een ietwat
stroevere oppervlakte. Uiteindelijk moest er ook in Den Haag een gulden
middenweg worden gevonden. De familie Ooms dus op zoektocht en uiteindelijk werd
er een goed materiaal gevonden. De asbest-cement platen van de Eternit fabriek
deed zijn intrede. De platen met een afmeting van 1,2 bij 2,5 meter en een dikte
van 13 tot 15 mm werden op de hoeken geschroefd op een houten raamwerk. Voor het
behoud van het hout werden de ribben beschermd met een asfaltpreparaat tegen het
door de naden wegzakkend water.
De ruimte tussen de ribben werd opgevuld met zand zodat er geen “hol” geluid
werd veroorzaakt bij het rolschaatsen. De vlakheid was belangrijk. De platen
moesten goed tegen elkaar liggen en zeker niet een hoogte verschil ten opzichte
van elkaar hebben. Want dat gaf struikelpartijen. Ook kon de baan niet onder
afschot (schuin) worden gelegd. Dit zou handig zijn voor de afwatering maar het
figuurrijden door de kunstrijders gaf de eis dat de vloer 100% vlak moest zijn
anders gaf dat een oneerlijk voordeel voor de kunstrijder.
Kortom : er kwam nog al veel bij kijken om een goede rolschaatsbaan aan te
leggen. Maar de Marathon-rinck was in goede handen van de technische man van de
familie, Henk Ooms.
Noot redactie : het
verhaal wil dat er eerst geschaatst is op tegels voordat er later eterniet
platen werden aangelegd. Wie verteld ons het juiste verhaal ? Gaarne uw reactie
naar
rfverbeek@orange.nl


1947, De Marathon Rinck
met platen van eternit.
|